Kras-, indruk- en vormsporen | Nederlands Forensisch Instituut

U bent hier:Home Werkveld Overzicht onderzoeksgebieden  Kras-, indruk- en vormsporen

Kras-, indruk- en vormsporen

Het kras-, indruk- en vormsporenonderzoek houdt zich bezig met het onderzoek aan sporen die zijn veroorzaakt door de krachtsinwerking van het ene op het andere voorwerp. Dit in de ruimste zin van het woord.

Werktuigsporenonderzoek

Bij misdrijven worden vaak objecten beschadigd met een werktuig of voorwerp. Door vergelijking van de ontstane beschadigingen (indruk- en krassporen) met het werktuig dat als sporenveroorzaker in aanmerking komt, kan een eventuele relatie worden gelegd. Bij het vergelijkend onderzoek kunnen onderzoekers overeenkomsten en/of verschillen aantreffen. Bij overeenkomsten maakt het NFI onderscheid tussen systeem- en karakteristieke kenmerken. Systeemkenmerken geven informatie over het soort werktuig of voorwerp dat is gebruikt. Onregelmatigheden die overeenkomen met karakteristieke beschadigingen in het werktuig of voorwerp kunnen leiden tot de identificatie van de sporenveroorzaker.

Naar boven

Schoen-, hand-, en bandensporenonderzoek

Schoen-, hand-, en bandsporen ontstaan onder andere door de overdracht van stoffen zoals zand, stof, bloed, verf, vet of andere verontreinigingen op een harde ondergrond. Ook bij een zachte ondergrond kunnen indruksporen worden veroorzaakt. Bij het vergelijkend onderzoek vergelijkt de onderzoeker eerst de systeemkenmerken. Daarna vergelijkt hij de onregelmatigheden in het spoor met de beschadigingen in het voorwerp dat als spoorveroorzaker in aanmerking komt.

Naar boven

Soucheonderzoek

Bij het soucheonderzoek onderzoekt het NFI of twee (gescheiden) delen oorspronkelijk één geheel hebben gevormd. Voorbeelden: perforatie, scheur-, snij- en knipranden van allerlei voorwerpen  zoals tape, vuilniszakken en plaatmateriaal.

Naar boven

Bijzonder onderzoek

Voorbeelden van bijzonder onderzoek zijn onderzoek aan verpakkingsmaterialen en schoen- en voetonderzoek. 
Verpakkingsmaterialen (vuilniszakken, plastic zakken) dragen fabricagesporen in zich. Een vergelijking van de fabricagesporen kan leiden tot de conclusie dat verschillende verpakkingsmaterialen uit dezelfde fabricagepartij afkomstig zijn.
Bij een schoen- en voetonderzoek onderzoekt het NFI de relatie tussen bijvoorbeeld de schoenen en de voeten van een verdachte. Tevens is het mogelijk voetsporen achtergelaten op een plaats delict te vergelijken met de voeten van een verdachte.

Naar boven