U bent hier:Home Werkveld Overzicht onderzoeksgebieden Niet-humane biologische sporen
Onder niet-humane biologische sporen worden sporen verstaan die afkomstig zijn van andere levensvormen dan de mens. Dit kunnen zowel zichtbare (planten en dieren) als met het blote oog onzichtbare sporen (diatomeeën, bacteriën) zijn. Naast nog levende organismen kunnen ook resten of overblijfselen van deze organismen als spoor worden aangetroffen.
Niet-humane biologische sporen kunnen verschillende rollen spelen bij een delict:
Onderzoek aan plantaardige of dierlijke materialen kan worden uitgevoerd op hele planten of dieren, maar vindt in de regel plaats op zeer kleine delen of resten hiervan. Ook bewerkte materialen kunnen worden onderzocht.
Soortbepaling
De soortnaam geeft soms al voldoende informatie, zoals bij de reconstructie van de laatst gegeten maaltijd (maaginhoud) of wanneer de soort verboden/beschermd is. Ook kan de soortnaam aanleiding zijn voor het al dan niet uitvoeren van vervolgonderzoek. Bijvoorbeeld een plant komt niet voor op de plaats delict.
De soort kan worden vastgesteld aan de hand van uiterlijke kenmerken of met behulp van DNA.
Individualisatie
In bepaalde gevallen is het mogelijk onderscheid te maken tussen individuen. Dit kan alleen met behulp van DNA-onderzoek, vergelijkbaar met het onderzoek aan menselijk DNA. Op deze wijze kan bijvoorbeeld een blad aan één bepaalde boom worden toegewezen.
Wanneer kleding in aanraking komt met oppervlaktewater neemt deze organismen uit het waterop, bijvoorbeeld algen. Door deze organismen te identificeren kan bepaald worden of kleding in contact is geweest met oppervlaktewater. Tevens kan soms bepaald worden uit welk stroomgebied in Nederland de organismen komen.
Grond heeft een complexe en zeer variabele samenstelling. In het algemeen bestaat het uit een abiotische (minerale) en een biotische (organische) fractie. De biotische fractie kan onderzocht worden op zaden, plantenresten, stuifmeel en diatomeeën. Door grondmonsters op basis van deze sporen te karakteriseren en vergelijken kan een uitspraak gedaan worden over een mogelijke (gezamenlijke) oorsprong.
Het onderzoeksgebied "niet-humane biologische sporen" is sterk in ontwikkeling. Daarom wordt er veel aandacht besteed aan ontwikkeling van nieuwe technologie, gebruik van nieuwe sporen en sporendragers en opbouw van verzamelingen.