Print Logo Nederlands Forensisch Instituut

Direct naar: hoofdnavigatie - subnavigatie - zoeken en sitemap

U bent hier:Start>Producten en diensten

Pathologie

Klinische en forensische pathologie

Binnen de pathologie is er onderscheid tussen klinische pathologie en forensische pathologie.

De algemene opleiding van een arts tot klinisch patholoog duurt vijf jaar en wordt gevolgd in een van de academische ziekenhuizen. De meeste klinisch pathologen gaan werken in ziekenhuizen, waar een groot deel van hun werk bestaat uit weefselonderzoek (microscopisch onderzoek). Een forensisch patholoog is een klinisch patholoog die een aanvullend tweejarig traject, met internationale bijscholingscursussen, heeft gevolgd om zich te specialiseren. Het werk van de forensisch patholoog bestaat vooral uit het verrichten van secties. Het NFI verricht zo’n 450 secties per jaar.

NFI erkende opleidingsplaats voor pathologen

Klinisch pathologen kunnen in het kader van hun opleiding stagelopen bij het NFI, om zo kennis te maken met de forensische aspecten van secties. Het NFI is door de Medisch Specialisten Registratie Commissie (MSRC) officieel erkend als opleidingsplaats.

Door pathologen kennis te laten maken met de forensische pathologie, weten ook pathologen in ziekenhuizen waarop ze kunnen letten als ze een sectie verrichten. Forensisch pathologen verrichten uitgebreider sectie en hebben bijvoorbeeld meer ervaring bij het interpreteren van letsels, hetgeen een ander licht kan werpen op een mogelijke doodsoorzaak. Enige kennis en ervaring op het gebied van forensische pathologie is daarom ook voor pathologen in ziekenhuizen belangrijk bij het interpreteren van hun bevindingen en het nemen van de juiste beslissingen.

Naar boven

Klinische en gerechtelijke sectie

Het uitvoeren van een sectie is strikt geregeld in de Wet op de Lijkbezorging van 1991. Een sectie mag uitsluitend door, of onder verantwoordelijkheid van, een arts worden verricht. De wet beschrijft twee soorten secties: de gerechtelijke en de klinische sectie.

Voor een klinische sectie moet toestemming worden verkregen, via een wilsbeschikking van de overledene of van zijn of haar familie. Een gerechtelijke of forensische sectie daarentegen wordt gelast, meestal door de officier van justitie. Dit zijn altijd situaties waarbij geen ‘verklaring van natuurlijk overlijden’ door de arts kan worden afgegeven. Deze arts vermoedt of weet dat de patiënt of slachtoffer niet door ziekte en/of ouderdom is overleden en waarschuwt de gemeentelijke lijkschouwer. Deze krijgt alle gegevens en verricht een lijkschouw, een inspectie van het lichaamsoppervlak van het stoffelijk overschot. Op grond hiervan stelt hij een rapport op voor de officier van justitie. Nadat die door de politie en gemeentelijk lijkschouwer is geïnformeerd, besluit hij of er een gerechtelijke sectie verricht moet worden.

In tegenstelling tot de klinische sectie in een ziekenhuis, wordt bij de gerechtelijke sectie altijd volledig uit- en inwendig onderzoek van het lichaam gedaan. De bevindingen daarvan worden gedetailleerd beschreven en uitvoerig gefotografeerd door professionele fotografen.

Een ander verschil is dat bij een gerechtelijke sectie de oorzaak van letsels en doodsoorzaak vaak gelegen is in menselijke handelingen. Soms wordt een gerechtelijke sectie gelast door luchtvaartautoriteiten (bijvoorbeeld bij een vliegtuigongeval) of door gezondheidsautoriteiten (bijvoorbeeld bij een mogelijk besmettelijke ziekte). In deze gevallen wordt op grond van de wet het lichaam ‘in beslag genomen’. Toestemming is volgens de wet niet vereist en wordt dan ook niet gevraagd.

De wijze waarop sectie wordt verricht, staat niet in de wet omschreven. De wetgever gaat er vanuit dat de patholoog de sectie verricht volgens de normen die worden bepaald door de stand van de wetenschap.

Naar boven

Wat houdt een sectie in?

Nadat de opdracht is ontvangen, probeert het NFI de sectie altijd zo snel mogelijk te verrichten, omdat:

De sectie wordt door een patholoog, soms twee pathologen, en twee technisch assistenten verricht en duurt gemiddeld ongeveer vier uur. Het onderzoek gebeurt geheel volgens protocol, een reeks overeengekomen, schriftelijk vastgelegde handelingen.

Naar boven

Protocol

Eerst onderzoekt de patholoog het gehele lichaam uitwendig op bijvoorbeeld verwondingen, blauwe plekken en littekens, eventueel met een forensische lichtbron. 

Hierna wordt het lichaam inwendig onderzocht, waaronder altijd schedel en hersenen. Door middel van een huidsnede aan de voorzijde van het lichaam worden buikholte en borstholten vervolgens geïnspecteerd op afwijkingen, zoals bijvoorbeeld de aanwezigheid van lucht, pus of bloed.

Organen worden in hun samenhang bekeken en vervolgens uitgenomen en gewogen. Ze worden ingesneden om ze op doorsnede te kunnen inspecteren. Alle belangrijke organen worden altijd op deze wijze volgens protocol onderzocht: de hersenen, de lever, het spijsverteringsorgaan, de geslachtsorganen, de halsorganen en het hart. Daarnaast is aanvullend onderzoek mogelijk, zoals radiologisch onderzoek (waaronder röntgenfoto’s, MRI en een CT-scan).

Bij het vaststellen van de doodsoorzaak is het essentieel om vast te stellen of uit te sluiten dat aangeboren of ziekelijke orgaanletsels (mede) van betekenis zijn geweest voor het overlijden. Deze moeten dan ook worden onderzocht en gedocumenteerd. Dit kan bijvoorbeeld een ander licht werpen op een overlijden dat ogenschijnlijk het gevolg is van orgaanletsels die door geweld veroorzaakt zijn.

Na afloop van de sectie worden in principe alle onderzochte organen in het lichaam teruggeplaatst en wordt de huid gesloten. De plaats van de (dichtgehechte) huidsnede wordt bedekt met een pleisterband. Wanneer de overledene daarna is opgebaard, is niet te zien dat er sectie is verricht.

Het onderzoek door de patholoog wordt vertaald in een sectierapport, dat vervolgens weer ‘geschaduwd’ (beoordeeld) wordt door een andere patholoog van het NFI.

Naar boven

Brochure 'Gerechtelijke Sectie'

Speciaal voor nabestaanden heeft het NFI een brochure over de procedure bij een gerechtelijke sectie, getiteld ’Informatie over gerechtelijke sectie'. Deze brochure hoopt antwoord te geven op vragen die nabestaanden kunnen hebben over een sectie. De brochure wordt uitgereikt door de politie, maar is ook hieronder te downloaden.

Meer informatie

Naar boven

Sectie op uit water geborgen lichamen

Lichamen die uit het water worden geborgen worden binnen de pathologie ‘waterlijken’ genoemd. Het NFI krijgt regelmatig vragen rondom secties op lichamen die in het water zijn aangetroffen. Daarom is er een handzaam overzicht van veelgestelde vragen en antwoorden over dit onderwerp opgesteld.

Meer informatie

Naar boven

Protocol forensische kindersecties

Het NFI is wereldwijd een van de weinige instituten dat een protocol voor forensische kindersecties hanteert. Het protocol is van toepassing op foeten en kinderen jonger dan achttien jaar.

Meer informatie

Naar boven

_P5K0975

Submenu

Hoofdnavigatie


Uitgebreid zoekenSitemap