Forensische pathologie richt zich op het onderzoek naar doodsoorzaken en al wat meer van belang kan zijn, zoals bijvoorbeeld de identiteit van een overledene. De forensisch patholoog van het Nederlands Forensisch Instituut (NFI) voert zijn onderzoek uit in opdracht van het Openbaar Ministerie.

De patholoog doet onderzoek aan de hand van een sectie op het overleden lichaam of onderzoekt lijkdelen. Hij werkt nauw samen met andere onderzoekers, zoals radiologen, klinisch pathologen en toxicologen.

Een voorbeeld: onnatuurlijk overlijden?

In een woning wordt het levenloze lichaam van een man aangetroffen. De schouwarts kan geen verklaring van natuurlijk overlijden geven maar constateert geen uitwendig letsel of schedelbreuk. Indien dat wel het geval was geweest, zou de forensisch patholoog vóór de sectie radiologisch onderzoek hebben laten doen. Uit de sectie blijkt dat er sprake is van ziekelijke veranderingen aan het hart die een verklaring kunnen zijn voor het overlijden. Om dit verder te onderzoeken en andere doodsoorzaken uit te sluiten, besluit de patholoog tot microscopisch en toxicologisch vervolgonderzoek.

De forensisch patholoog werkt nauw samen met andere onderzoekers, zoals radiologen, klinisch pathologen en toxicologen.

Onderzoeksvragen

  • Wat is de doodsoorzaak en al het andere dat van belang is?
  • Passen de bevindingen van de sectie bij de veronderstelde doodsoorzaken?
  • Is er een verband tussen de aangetroffen letsels door geweld en de aangetroffen doodsoorzaak?
  • Zijn er specifieke kenmerken die kunnen helpen bij identificatie van de overledene?
  • Hoe snel ontbindt een lichaam binnenshuis?

Vervolgonderzoek

De forensisch patholoog doet onderzoek aan de hand van een uitwendige en inwendige lijkschouw (sectie). De sectie kan leiden tot vervolgonderzoek zoals:

  • microscopisch onderzoek van 'samples' van organen op ziekelijke afwijkingen (bijvoorbeeld een hartspierontsteking)
  • neuro-pathologisch onderzoek
  • letseldateringsonderzoek (hoe oud zijn de letsels?)

Tot slot kan de forensisch patholoog literatuurstudie doen, bijvoorbeeld om te achterhalen wat voor letsel een bepaald soort kogel geeft.

Combinatie van oorzaken

De man blijkt naast ziekelijke veranderingen aan zijn hart een hoge concentratie cocaïne in zijn bloed te hebben. Het overlijden kan het gevolg zijn van de overdosering maar ook van de ziekelijke veranderingen aan het hart of een combinatie van beide. Een zekere en eenduidige doodsoorzaak is in dit geval dus niet te geven (in tegenstelling tot bijvoorbeeld bij schotletsels door de hersenstam of doodbloeden als gevolg van steekletsels).