Explosievenonderzoek naar een ontploffing in een woonwijk. Chemische analyse van dodelijke nitazenen in illegale slaaptabletten. DNA- en glasonderzoek na de roof op de helm van Cotofenesti en andere kunstschatten. Ook in 2025 leverde het NFI met zijn onderzoeken en rapporten een bijdrage aan de waarheidsvinding in strafrechtelijke onderzoeken en de bestrijding van ondermijnende criminaliteit. Het NFI is ook een Rijkskennisinstelling (RKI) die wetenschappelijke innovatie stimuleert en realiseert, en die kennis vervolgens deelt met de buitenwereld. Samen met onze partners – politie, Openbaar Ministerie, de Rechtspraak, opsporingsdiensten en internationale partijen zoals de Verenigde Naties en het International Crime Court (ICC) – zetten we ons iedere dag in om Nederland veiliger en rechtvaardiger te maken.
De digitalisering van onze samenleving en de snelgroeiende mogelijkheden van Artificial Intelligence (AI) veranderen onze maatschappij ingrijpend. Nieuwe technologieën bieden mogelijkheden voor forensisch onderzoek, maar ook voor criminelen. Dit zorgt voor een stijging van de online criminaliteit. Het is cruciaal voor de kwaliteit van ons forensisch onderzoek om vooruit te lopen op de nieuwste trends op dit gebied. Het NFI richt zich de komende jaren dan ook met nog meer prioriteit op de ontwikkeling van verantwoorde toepassingen van AI en datascience voor de strafrechtketen. Voor veel deskundigheidsgebieden van het NFI geldt dat onderzoekers door vooruitschrijdende technologie en kennis steeds meer informatie uit minder en kleinere sporen kunnen halen. AI en datascience zijn juist geschikt om uit grote hoeveelheden sporen relevante gegevens te halen. Daarbij blijft het een hulpmiddel dat met de juiste waarborgen moet worden ingezet en is het wettelijk gebonden aan de grenzen van de Europese AI Act.
Forensisch onderzoek in 2025
Van onderzoek naar verdacht letsel bij kinderen tot aan het ontsleutelen van wachtwoorden van cryptotelefoons: het NFI deed in 2025 zo’n 40.000 zaken in opdracht van politie, OM, Rechtspraak en internationale partijen. Die omvatten samen ongeveer 90.000 forensische onderzoeksaanvragen. Een zaak kan vragen om meerdere onderzoeken binnen één deskundigheidsgebied, maar ook meerdere deskundigheidsgebieden beslaan. We hebben 37 deskundigheidsgebieden in huis die – waar nodig – ook samenwerken in complexe en multidisciplinaire onderzoeken. Dit was bijvoorbeeld het geval bij het onderzoek naar het Vlaardingse pleegmeisje, de ontploffing aan de Schammenkamp in Rotterdam en de dodelijke stoffengroep nitazenen in illegale medicatie zoals namaakoxycodon. Het NFI heeft een grote verscheidenheid aan kennisgebieden onder één dak. Sporen, inzichten en interpretaties kunnen, juist als ze gecombineerd worden, veel extra informatie opleveren. Omdat het NFI zoveel verschillende expertises in huis heeft kunnen we als geen ander excelleren in multidisciplinair en complex onderzoek.
Uitdagingen
Uitdagingen waren er ook in 2025. Uitdagingen die steeds groter worden en die het NFI niet alleen het hoofd kan bieden. Het NFI heeft die opgetekend in de Stand van de Uitvoering 2025. Hierin vraagt het NFI om meer financiële en beleidsmatige ondersteuning vanuit de politiek.
Marc Elsensohn, algemeen directeur: "Neem de kwaliteit van ons forensisch onderzoek en onze innovaties niet voor lief. De knelpunten uit onze Stand van de Uitvoering zijn groot en reëel. Als er geen extra middelen worden vrijgemaakt vanuit Den Haag gaat dit ten koste van onze productie, en zelfs de toekomstbestendigheid van het NFI.”
Inzet AI
Het NFI ontwikkelt al meer dan 15 jaar AI-tools en toepassingen die forensisch- en opsporingsonderzoek kunnen versnellen en verdiepen. Het gebruik van AI is geen doel op zich maar een hulpmiddel, een soort assistent voor de forensisch onderzoeker en de strafrechtketen. Omdat AI geweldige mogelijkheden biedt, zet het NFI de komende jaren nog meer in op de ontwikkeling en het gebruik ervan.
Annemieke de Vries, directeur Wetenschap & Technologie: “We investeren in AI en datascience en doen onderzoek waarmee we onze partners kunnen ondersteunen. Maar die kennis en expertise zijn geen vanzelfsprekendheid. Extra investeringen zijn een voorwaarde om die – ook in de toekomst – te waarborgen."
Deze ambities kunnen niet waargemaakt worden zonder extra investeringen: er is extra capaciteit nodig om dit te realiseren. In 2025 gebruikte het NFI AI-tools voor verschillende toepassingen: patroonherkenning, het structureren van grote hoeveelheden data, spraak- en beeldherkenning en de ontwikkeling van modellen zoals Threat-to-life. De forensisch onderzoeker of deskundige die de AI-tool gebruikt, houdt de leiding tijdens het onderzoek en controleert de informatie die door AI is gegenereerd. Dit human-in-the-loop-principe (HITL) is de leidraad voor het gebruik van AI door onze onderzoekers. Onze AI is wetenschappelijk gevalideerd voor forensische toepassingen en wordt gecheckt op geopolitieke kwetsbaarheden. Een overzicht van onze gebruikte algoritmes zijn te vinden op het Algoritmeregister van de overheid.
Ook werkte het NFI in 2025 samen met de Nederlandse organisatie voor toegepast-natuurwetenschappelijk onderzoek (TNO) en Samenwerkende Universitaire Reken Faciliteiten (SURF) aan de evaluatie van het verantwoorde taalmodel GPT-NL.
De groeiende mogelijkheden van datascience
Het gebruik van technieken uit de datascience op grote hoeveelheden gegevens biedt kansen voor waarheidsvinding en ondersteuning bij opsporing en vervolging. Het NFI gebruikt deze technieken op forensische data voor uiteenlopende doelen, van classificatietaken tot patroonherkenning waarmee verbanden in en tussen zaken te leggen zijn. Deze methoden en technieken zijn van betekenis voor de forensisch onderzoeker, maar ook voor de strafrechtketen. Zo kunnen bepaalde data uit chemisch onderzoek bijvoorbeeld verbanden zichtbaar maken tussen een dumping van drugsafval, een onderschepte lading xtc-pillen en onderschepte grondstoffen. Data zijn ook onmisbaar voor de databanken van het NFI. Deze referentieverzamelingen bevatten bijvoorbeeld verschillende soorten munitie, stukjes glas of veiligheidsinkt.
De NFI-teams van datascience richten zich op het intelligent analyseren en interpreteren van data. Ze zijn de onderzoekers tot steun door uit te zoeken welk onderdeel van het proces geautomatiseerd kan worden en hoe de bewijswaardering in rechtszaken versterkt kan worden. Een mooi voorbeeld van de meerwaarde van onze datascientists is de ontwikkeling van de vuurwerksnipper app, die door de grote vraag vanuit het buitenland in 2025 ook internationaal toegankelijk is gemaakt met een Engelse versie.
Het NFI is een kenniscentrum voor forensisch onderzoek. Komende jaren ontwikkelt het NFI ook een kenniscentrum voor forensische AI. Dit kenniscentrum zal kennis en expertise beschikbaar stellen aan de strafrechtketen over de mogelijkheden, kansen en risico’s van AI-toepassingen. Hoe haal je de voor jou relevante informatie uit een grote berg data? En hoe kan de strafrechtketen die gegevens vervolgens gebruiken in een opsporings- en strafproces? Het kenniscentrum voor forensisch onderzoek kan politie en OM zo ondersteunen bij de opsporing en bij de bewijswaardering, zoals het NFI nu ook al adviseert over reguliere forensische onderzoeksmethoden zonder AI.
JusticeLink
Grote hoeveelheden data spelen ook bij andere partijen in het justitie- en veiligheidsdomein een grote rol. Die gegevens zijn vaak vertrouwelijk of privacygevoelig, maar wel belangrijk voor wetenschappelijk onderzoek dat beleid kan ondersteunen. Om gegevensdeling binnen deze keten te vergemakkelijken is een analyseomgeving nodig waarin betrokken organisaties hun data verantwoord en veilig met onderzoekers kunnen delen. Het NFI werkt samen met het Wetenschappelijk Onderzoek- en Datacentrum (WODC) aan een infrastructuur die dit faciliteert: JusticeLink.
Hansken
Digitaal platform Hansken helpt alle Nederlandse opsporingsdiensten om digitale sporen gecontroleerd, transparant en juridisch zorgvuldig te analyseren. Het Hanskenplatform werkt in internationaal verband samen met 34 partners uit de strafrechtketen en 17 kennisinstellingen (waaronder universiteiten en hogescholen) in 17 landen.
In 2025 ontwikkelde Hansken een manier om binnen de grenzen van het verschoningsrecht te kunnen zoeken in grote hoeveelheden digitale data. Dit gebeurde in samenwerking met de Nederlandse politie, naar aanleiding van het Landeck-arrest. In de uitspraak die volgde op dit arrest stelde De Hoge Raad dat toegang tot digitale gegevensdragers proportioneel moet zijn en moet passen bij de ernst van het strafbare feit. De nieuwe tool bestaat uit een filtermechanisme dat ervoor zorgt dat alleen data wordt ontsloten waarvoor rechterlijke toestemming is gegeven. Zo blijft digitale opsporing mogelijk, met transparantie, herleidbaarheid en juridische zorgvuldigheid in het proces.
Daarnaast startte Hansken in 2025 het Europese ISF-project, waarin een gezamenlijke Europese infrastructuur rond digitale opsporing wordt verkend.
Rijkskennisinstelling
Als Rijkskennisinstelling (RKI) heeft het NFI de taak om wetenschappelijke innovatie te stimuleren, te realiseren en te delen met de keten en het publiek. De Nederlandse Rijkskennisinstellingen en planbureaus zijn verenigd in een landelijk RKI-netwerk, dat beleid ondersteunt door wetenschappelijke kennis en innovatie te delen. In 2026 geeft de voorzitter Hans Brug (voormalig directeur-generaal RIVM) het stokje van het voorzitterschap over aan Annemieke de Vries, directeur Wetenschap en Technologie van het NFI.
Op onze website staat een overzicht van alle wetenschappelijke publicaties in 2025 waarbij het NFI betrokken was: wetenschappelijke publicaties 2025.
In september 2025 is senior digitaal onderzoeker Jan Peter van Zandwijk benoemd tot bijzonder lector Digitaal Forensisch Onderzoek aan de Hogeschool van Amsterdam (HvA). Daarmee werken er bij het NFI zeven bijzonder hoogleraren en drie bijzonder lectoren.
Wetenschappelijk onderzoek en innovatie in 2025
Nieuw NFI-onderzoek haalde in 2025 meerdere keren het landelijke nieuws, maar ook buiten de spotlights om is er volop geïnnoveerd en gedeeld. Onze kennisgebieden zijn voortdurend in beweging, steeds op zoek naar manieren om ons forensisch onderzoek nog beter en effectiever te maken. Een overzicht van de onderzoeksactiviteiten en projecten van het NFI is te vinden in het Research & Development- en innovatieportfolio 2025.
In de media was het afgelopen jaar veel aandacht voor een nieuwe NFI-tool voor het ontmaskeren van deepfakes waarbij de menselijke hartslag een grote rol speelt: bloedstroomdetectie. In deze tijd van fake news een welkom middel om nep van echt beeldmateriaal te kunnen onderscheiden.
Naast vernieuwend beeldonderzoek was er ook veel aandacht voor ons innovatieve onderzoek naar glijmiddelen. Dit onderzoek kan dienen als ondersteunend bewijs bij zedenzaken waarin geen DNA aangetroffen wordt, maar ook de waarschijnlijkheid van een bepaald scenario bevestigen of ontkrachten.
In 2025 breidde het NFI ook de mobiele analysetool NFiDENT uit met zeven nieuwe drugs: ketamine, procaïne en varianten van MMC en CMC. Door de uitbreiding van NFiDENT kunnen forensisch onderzoekers van de politie meer veelvoorkomende drugs zelf op locatie analyseren. De uitbreiding viel samen met de nieuwe wetgeving die designerdrugs verbiedt.
De International Organization for Standardization (ISO) publiceerde in 2025 een wereldwijde standaard voor forensisch onderzoek, die voorschrijft aan welke standaarden forensisch onderzoek moet voldoen, van een plaats delict tot aan de zittingszaal. Het NFI leverde een grote wetenschappelijke bijdrage aan de totstandkoming van deze normen.
De Nederlandse DNA-databank (NDD)
De DNA-databank voor Strafzaken groeide in 2025 naar 425.334 DNA-profielen van personen en 67.859 DNA profielen van sporen van onbekende personen. In 2025 zijn in de DNA-databank voor Strafzaken 3.435 matches geweest tussen een persoon en een spoor en daarnaast nog 110 matches tussen sporen onderling, zonder een persoon. Dit jaar is ook de uitwisseling met DNA-profielen met Italië gestart in het kader van Europese uitwisseling. Een andere belangrijke ontwikkeling in 2025 is de automatische opname van DNA-profielen via het DNA-portaal. Sinds september 2025 is deze uitbreiding operationeel waardoor gegevensaanlevering efficiënter en consistenter verloopt.
Verder zijn in 2025 de voorbereidingen voor conservatoire celafname (DNA-C) voortgezet. Dit in verband met de in 2027 verwachte uitbreiding van de wet DNA-onderzoek bij veroordeelden. In 2025 is het opslagsysteem geplaats waarin het conservatoir afgenomen celmateriaal zal worden opgeslagen.
Meer cijfers en duiding over de Nederlandse DNA-databanken zijn te lezen in het jaarverslag 2025 van de NDD.
DNA-matches in coldcases
DNA-onderzoekers van het NFI kunnen door steeds geavanceerdere DNA-technologie ieder jaar meer informatie halen uit DNA-sporen, zelfs als het om oud of beschadigd DNA gaat. Dit biedt – zeker in combinatie met de groei van nationale en internationale DNA-databanken – mooie mogelijkheden voor het oplossen van cold cases.
Zo is in 2025 in samenwerking met Cold Case Team Rotterdam en Team Zeden Rotterdam voor het eerst met een aantal DNA-profielen uit verschillende onopgeloste Rotterdamse zedenzaken gelijktijdig DNA-verwantschapsonderzoek uitgevoerd in de DNA-databank voor Strafzaken. Dit leverde verschillende matches op.
Ook heeft het NFI in samenwerking met de politie en het Landelijk Expertisecentrum Persoonsvermissingen (LOEP) een aantal onbekende doden geïdentificeerd door DNA-matches. Zo was er in 2025 een identificatie van een onbekende dode die in 1993 levenloos gevonden werd op de Haringpakkersbrug in Amsterdam. Het bleek om een Italiaanse man te gaan, wiens zoon al jaren op zoek was naar zijn vermiste vader. Ook kreeg de Duitse vrouw die 21 jaar geleden dood werd aangetroffen in de duinen bij Wassenaar, eindelijk haar naam terug: Eva Maria Pommer. Heel bijzonder was ook de identificatie van oorlogsslachtoffer Dirk de Veer die in 1945 van de aardbodem verdween. Na 80 jaar is hij eindelijk thuisgebracht.