Glasonderzoek op bron- en activiteitsniveau
Glasdeskundigen van het NFI kunnen de resultaten van vergelijkend glasonderzoek op twee niveaus interpreteren: bronniveau en activiteitsniveau.
Op bronniveau staat de herkomst van de glasdeeltjes centraal. De vraag is of het aangetroffen glas afkomstig kan zijn van een specifieke bron, zoals een ingeslagen ruit in het voorbeeld van de overval op een juwelier.
De deskundige evalueert de onderzoeksresultaten onder twee mogelijke hypothesen:
- Hypothese 1: één of meer onderzochte glasdeeltjes zijn afkomstig van de gebroken ruit(en).
- Hypothese 2: alle onderzochte glasdeeltjes zijn afkomstig van een willekeurig andere ruit(en).
Deze hypothesen kunnen worden opgesteld per sporendrager (zoals een automat) of voor meerdere items van één verdachte, bijvoorbeeld kledingstukken.
In de conclusie van het NFI-rapport geeft de deskundige in waarschijnlijkheidstermen aan welke hypothese meer steun krijgt op basis van de onderzoeksresultaten. Bijvoorbeeld: de resultaten zijn ‘veel waarschijnlijker’ wanneer hypothese 1 waar is dan wanneer hypothese 2 waar is. De deskundige gebruikt daarbij een model om de overeenkomsten tussen de verschillende glasdeeltjes te beoordelen.
De resultaten kunnen meer steun geven aan één van de hypothesen, of aan beide (circa) evenveel. De uiteindelijke bewijswaarde van die steun, in samenhang met het overige bewijs, is aan de rechter.
Op activiteitsniveau beoordeelt de deskundige niet alleen de herkomst van de glasdeeltjes, maar ook hypothesen die gaan over de activiteit(en) waarbij de glasdeeltjes zijn ontstaan. Bijvoorbeeld:
- Hypothese 1: de verdachte heeft de ruit ingeslagen.
- Hypothese 2: de verdachte is later door het glas gelopen.
Idealiter stelt de deskundige deze hypothesen op in overleg met de betrokken partijen in de strafzaak. In het rapport wordt toegelicht waarom voor deze hypothesen is gekozen.
Voor uitspraken op activiteitsniveau is meer informatie nodig dan voor bronniveau. Het onderzoek aan de sporendragers kan een deel van deze informatie opleveren, maar ook verklaringen van verdachten zijn vaak noodzakelijk. Op dit moment is rapportage op activiteitsniveau voor glasonderzoek nog in ontwikkeling.
Overweeg je een aanvraag op activiteitsniveau? Neem dan vooraf contact op met de glasdeskundigen via de Frontdesk van het NFI.
Meer informatie over glasonderzoek, hypothesevorming en bewijskracht vind je in de vakbijlage Forensisch glasonderzoek.
Beschikbare onderzoeksproducten
Hieronder vind je een omschrijving van de onderzoeksproducten die wij aanbieden. Voor een uitgebreide toelichting per product verwijzen we naar MijnNFI (beveiligde omgeving). Werk je in de strafrechtketen en heb je nog geen account? Vraag dit dan aan via mijnnfi@nfi.nl.